“Iedereen past aan tafel”
Liza van Brakel maakt inclusief circus rond één lange tafel
Een van de vier genomineerden voor de BNG Circusprijs 2026 is Liza van Brakel. In MANGIARE verandert ze een lange eettafel in een circuswereld waar spelers en publiek samen plaatsnemen en anders zijn gevierd mag worden.
Waarom ontmoeten we elkaar niet?
Voor maker Liza van Brakel gaat MANGIARE over verschillen omarmen. In de inclusieve circusvoorstelling werken duo’s van circusartiesten met en zonder verstandelijke beperking samen. “Ik wil dat iedereen het gevoel krijgt dat je er mag zijn” Ook al ben je anders, of zie je er anders uit — iedereen is welkom. “Alle ongewone dingen en het anders zijn: dat is niet iets waar we raar van op zouden moeten kijken, maar juist gevierd mag worden.” Dat zou vanzelfsprekend moeten zijn, zegt ze, maar helaas is dat niet zo.
Het is namelijk al niet vanzelfsprekend om mensen met een verstandelijke beperking tegen te komen, merkt Van Brakel op: “De eerste 25 jaar van mijn leven ben ik niet met die groep mensen in contact gekomen – dat vind ik eigenlijk schokkend.” Pas toen ze meedeed aan een circusproject in België besefte ze het: “Ik ontmoet jullie helemaal niet. Waarom ontmoeten we elkaar niet?” We leven te veel langs elkaar heen, volgens Liza. En dat terwijl we allemaal iets van elkaar kunnen leren. “De verschillen zijn juist een verrijking.”
Iedereen zit op dezelfde hoogte
De plek waar verschillen niet uit elkaar groeien, maar naar elkaar toe bewegen is volgens Van Brakel de tafel. “De tafel is misschien wel een van de meest gelijkwaardige plekken die we kennen. Iedereen zit op dezelfde hoogte, kijkt naar dezelfde tafel, deelt dezelfde ruimte.” MANGIARE gaat dan ook niet om eten, maar over het universele moment aan tafel. Dat wil ze uitvergroten en onderzoeken. “Ik ben jongleur, maar vind het leuk om met alledaagse objecten te circus te maken.” Geen ballen of kegels, maar tafels, stoelen, borden dus.
De tafel geeft haar veel ideeën en vormt het bindmiddel voor haar ultieme droom: dat het meer is dan alleen een voorstelling, maar ook een echt moment dat spelers en publiek met elkaar kunnen delen. “Dat een van de spelers, zoals Sharoma, naast iemand zit die net heeft gekeken, en dat ze elkaar echt ontmoeten. Niet dat jij alleen maar hebt gekeken, maar dat we het daarna met z’n allen delen aan die lange tafel.”
Gelijkwaardig maken
Bij MANGIARE maken duo’s van circusartiesten met en zonder verstandelijke beperking samen vanaf nul materiaal. Die werkwijze komt voort uit BUITENGEWOON, een project van Circusstad dat Van Brakel onder andere in samenwerking met inclusief theatergezelschap Theater Babel ontwikkelde. “Iedereen heeft dezelfde inspraak – dat vond ik het belangrijkste. Het is gebaseerd op gelijkwaardigheid: iedereen heeft een stem.” Geen script vooraf, maar de dromen en ideeën van ieder als vertrekpunt.
Een act ontwikkelen begint dan met een vraag: “Wat zou jij graag op het podium willen doen, wat is je droom?” Bij BUITENGEWOON werkte ze met Johan, die graag wilde drummen. “Dus dacht ik: dan nemen we drummen als startpunt en kijken hoe we dat meer circus kunnen maken. Wat als er dertig drumstokjes zijn? Wat als je ze allemaal naar mij gooit terwijl je drumt — kun je het ritme door laten gaan?” Zo vat ze haar vak samen: “Circus maken is voor mij vooral problemen opzoeken en kijken hoe je die oplost. Dat is eigenlijk ook wat jongleren is.”
Meer dan lief
Volgens Van Brakel is er dan ook weinig verschil tussen circus en inclusief circus. De verschillen zitten vooral in het praktische. “Je moet misschien begeleiders meenemen, een kleedkamer die niet te ver van het theater is, niet te veel trappen.” Ze wil dan ook bewijzen dat inclusief circus kan toeren: “Dit is artistiek net zo waardig als andere voorstellingen. Het is misschien iets moeilijker en kost meer geld, maar waarom zou het niet kunnen?”. Wel waakt ze voor één valkuil: “Wat ik vaak hoor, is dat de mensen het ‘schattig’ of ‘lief’ vinden – maar het is veel meer dan dat.” Van Brakel koppelt die “oh, wat lief”-associatie aan het feit dat we langs elkaar heen leven, het niet vaak zien, en er dus niet aan gewend zijn. “Nu is het nog zo bijzonder dát dit gebeurt – en dat is ook mooi, maar het zou niet zó bijzonder moeten zijn.” Het zit hem in een het geven van een volledige afspiegeling van de maatschappij. “Als ik naar een voorstelling ga waar allemaal soorten mensen op het podium staan, voel ik: ja, dít is de wereld. Er is plaats voor iedereen.”
Foto: Kelly van Kampen
